Acerca de

GESCHIEDENIS VAN DE SCHOTSE DOEDELZAK 

DE OORSPRONG

De bagpipe in het Engels, doedelzak in het Nederlands, Cornemuse of Biniou in het Frans, Düdelsack in het Duits, is een eeuwenoud instrument

De oorsprong van het instrument gaat duizenden jaren terug, tot het oude Egypte, 2000 jaar voor onze tijdrekening. Ook in de bijbel is er sprake van een doedelzak, en in Indië, China en Iran bestonden er honderden jaren voor onze tijdrekening reeds verschillende types.

 

In Europa had bijna elk volk zijn eigen doedelzak. Overal waar er herders waren hielden die zich, tijdens het bewaken van de kudde schapen of van het vee, onledig met het spelen op een houten herdersfluit (de zogenaamde schalmei).

Aangezien men vroeger, behalve bij de Aboriginals met hun didgeridoo, geen circulaire ademhaling kende, moest de melodie bij het spelen regelmatig  onderbroken worden om adem te halen, vooral omdat men niet elke noot aanblies zoals bij een trompet en dgl.

Daarom sloot men de speelfluit aan op een varkensblaas die als luchtreservoir diende op het ogenblik dat men inademde.

Na een tijd koppelde men aan die blaas een geluidspijp (bourdon) met een hol riet zodat men een voortdurend ondersteunend geluid verkreeg.

Zo heeft de klassieke Bretonse doedelzak, de “biniou”, nog altijd één enkele grote bourdon of dronepijp.

Arne Ongena - Pipe Sergeant_edited.png

DE SCHOTSE DOEDELZAK

De Schotse Highland-doedelzak*, die in Groot-Brittannië, de Verenigde Staten, Canada en in zeer veel Europese landen gespeeld wordt, bestaat waarschijnlijk iets meer dan 600 jaar.  Komende vanuit England, waar de Kelten 1000 jaar eerder de doedelzak invoerden, was hij in de 14de eeuw zeker al bekend in Schotland. In het National Museum of Scotland, in Edinburgh, zou zich de oudst gekende Schotse doedelzak bevinden. Hij dateert uit 1409.

 De eerste Schotse doedelzakken hadden slechts één tenorpijp. In 1500 werd er een tweede aan toegevoegd, zodat men over het algemeen met twee tenorpijpen speelde, en pas in de 18de eeuw kwam er de derde pijp, de bassdrone, bij.

 In de 16de eeuw ging de doedelzak in Schotland de trompet en de hoorn vervangen als militair instrument op het slagveld.  Dit ligt dan ook aan de basis van zijn huidige bekendheid over heel de wereld. Het was toen ondenkbaar dat een Schots militair regiment zou oprukken zonder begeleiding van één of meerdere doedelzakspelers.

De indringende klanken spoorden immers niet alleen de eigen gelederen aan maar veroorzaakten veel vrees bij de tegenstaanders. Zij waren van zeer ver hoorbaar.  In tegenstelling tot bijvoorbeeld de Vlaamse doedelzak waarvan het geluid slechts een twintigtal meter verder reikt, is de klassieke Schotse doedelzak, ook nog Great Highland Bagpipe genoemd,  op open terrein hoorbaar vanaf meer dan 1 km.

 Nadat de Schotten in 1746 tijdens de slag bij Culloden definitief verslagen werden door de Engelsen, werd hij gedurende jaren verboden, aangezien de Engelsen het aanzagen als een oorlogswapen.

De Schotse doedelzak is bij mijn weten dan ook het enige instrument ter wereld dat de “eer” kreeg als zodanig verboden te worden.

 Ook de Schotse kledij, waaronder de kilt, werd toen trouwens verboden. Het bespelen van de Schotse doedelzak of het dragen van Schotse kledij werd gezien als een daad van muiterij en kon toen leiden tot zware gevangenisstraffen, zelfs tot de doodstraf. Pas na 36 jaar werd dit verbod opgeheven.

Dit kwam omdat de Engelse koning dringend manschappen nodig had voor zijn koloniale oorlogen en de oorlog tegen Frankrijk. Er werden Schotse regimenten opgericht en de Schotten die arm waren traden massaal in dienst. Algauw telde het Britse leger een tiental Schotse regimenten, die heel wat doedelzakspelers herbergden die hen bij gevechten in de voorste linies aanvuurden.

 

Op die manier verspreidde de Schotse doedelzak zich over heel de wereld. Allereerst naar de Engelssprekende landen, zoals de Verenigde Staten, Canada, Australië en Nieuw Zeeland.

Uiteraard eerst in het aanpalende England.  Londen alleen reeds, met zijn tien miljoen inwoners, telt meer dan 100 doedelzakbands. Vele grote bedrijven, zoals British Airways, hebben er een eigen doedelzakcorps.

In de Verenigde Staten heeft elke grote stad een Schots doedelzakcorps, hetzij bij de politie, hetzij bij de brandweer. Zowel bij de inauguratie van Obama als president van de Verenigde Staten, als bij de herdenking van de aanslag op de Twin Towers speelden er doedelzakbands.

Maar ook in de Arabisch sprekende landen wordt nog veel Schotse doedelzak gespeeld. Zo is in 1999 koning Hassen II van Marokko, vader van de huidige Marokkaanse koning, begraven met een uitgebreide Marokkaanse militaire doedelzakband.

Ook de Palestijnse president Yasser Arafat werd in 2004 begraven onder begeleiding van een compagnie Schotsedoedelzakspelers.  In de oliestaat Oman heeft elk van de drie legermachten, landmacht, luchtmacht en zeemacht, Schotse doedelzakspelers in dienst die zelfs de klassieke Schotse melodieën spelen.

DE SCHOTSE DOEDELZAK IN BELGIE

c. De Schotse doedelzak in België

In België wordt het Schotse doedelzakspel hoofdzakelijk beoefend in het Vlaams sprekende gedeelte van het land. In de hoofdstad Brussel en in Wallonië zijn er een viertal groepen actief en in Vlaanderen een 20-tal, waarvan er een 6-tal zich richten op deelname aan doedelzakwedstrijden.  In Nederland zijn dan weer ongeveer 35 doedelzakbands.

Terwijl in Nederland de eerste Schotse doedelzakbands onmiddellijk na de tweede Wereldoorlog opgericht werden, als gevolg van het feit dat Nederland mee door Schotse legereenheden werd bevrijd, duurde dit in België tot begin 1963 op initiatief van de Sint Joris Boy Scouts.

Omzeggens elk jaar zijn er in België nationale doedelzakwedstrijden waaraan ook verschillende Nederlandse bands deelnemen, maar ook Duitse-, Deense-, Franse-, e.a.

DE EIGEN-AARDIGHEDEN VAN DE GREAT HIGHLAND BAGPIPE

Het specifieke aan de Schotse doedelzak is ook dat het aanleren en het inspelen van een nieuwe melodie (tune) gebeurt op een ander instrument, namelijk een moderne schalmei, practice chanter genoemd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hierop leert men de typische vingerzetting van zowel de gewone noten als van de grace-noten.

De toonladder van het instrument telt slechts 9 noten, maar bijna elke noot wordt voorafgegaan door 1 tot vijf zeer snel gespeelde tussennootjes grace-noten genoemd. Van dergelijke grace-noten, die de Schotse muziek haar eigen karakter geven, gebruikt men doorgaans een vijfentwintig verschillende combinaties.

 

De pijpen van de Schotse doedelzak zijn normaal uit tropisch hardhout. Het deel van de versiering dat vroeger bestond uit ivoor is nu vervangen door plastiek. Wie toch nog een doedelzak bezit met ivoren elementen is verplicht dit bij buitenlandse reizen aan de douane aan te geven, zo niet riskeert hij inbeslagname van het instrument en een forse boete.

De bourdonrieten (drone reeds) die vroeger uit holle natuurrieten bestonden, zijn nu vervangen door holle plastiek rieten. Die zijn betrouwbaarder en laten ook toe om langer aan een stuk te spelen.

Voor het speelriet blijft men echt riet gebruiken. Het is, ondanks vele pogingen, onmogelijk gebleken om dit op een aanvaardbare manier te vervangen door een plastieken kopie.

De luchtzak die bij de Schotse doedelzak vroeger bestond uit sheepskin wordt nu vervaardigd uit kunststof voorzien van een rits. Dit laat toe om hem inwendig regelmatig grondig te reinigen, wat schimmelvorming voorkomt. Maar ook heeft men op die manier de mogelijkheid er een vochtopvangsysteem in te plaatsen waardoor het mogelijk wordt om veel langer te spelen alvorens de klank van de bourdonrieten door teveel vochtigheid uitvalt.

Practice Chanter.JPG

CONSEQUENTIES

Het bespelen van de Schotse doedelzak kan in België en Nederland niet aangeleerd worden in een klassieke muziekschool (muziekconservatorium of academie). Dit komt omdat hij gespeeld wordt op een toonladder die totaal anders is dan die klassieke. Het betreft hier namelijk een oude Grieks-mixolydische toonladder. Ook de toonhoogte verschilt van deze die door de klassieke muziek wordt gebruikt.  Voor de kenners: men speelt tussen de 470 en 480 Herz, waar dit bij de klassieke muziek ligt op 440 Herz. Daarbij speelt men met tussentonen die tussen de gewone tonen liggen, waarmee men in onze landen niet vertrouwd is, maar die wel voor een zeer ontroerend effect kunnen zorgen.

Dit heeft ook tot gevolg dat de Schotse doedelzak slechts beperkt kan gebruikt worden in samenspel met andere instrumenten. Samenspelen met een zangkoor is over het algemeen uitgesloten.

 

Door de afwijkingen met de klassieke muziek is het instrument in België evenmin officieel erkend. Bijgevolg is het niet mogelijk staatssubsidies te krijgen voor het onderricht ervan.

Dit brengt mee dat het leren bespelen in België alleen mogelijk is in het kader van één van de specifieke Schotse doedelzakgroepen, Pipebands genaamd.

Deze bands moeten niet alleen zelf instaan voor de kosten van de opleiding en de huur van leslokalen en repetitielokalen, maar ook voor de aanschaf van de instrumenten en de uniformen.  Daartoe verzorgen ze dan ook openbare optredens tegen betaling. Wat meebrengt dat men in België geen Schotse doedelzak kan leren spelen tenzij men bereid is, en bekwaam gevonden wordt, om bij dergelijke optredens mee te spelen.

Slechts één enkele doedelzakgroep volgt dit principe niet: de  Dun Deagh music band uit Sint-Niklaas. Deze geeft onderricht aan al wie geïnteresseerd is, tussen 9 jaar en 60 jaar, en dit in ruil voor een kleine vergoeding

€5 per les). Zo hebben reeds verschillende kinderen solo Schotse doedelzak kunnen spelen in de kerk tijdens hun Plechtige Communie, en treden er met deze groep pipers op die pas op 58-jarige leeftijd leerling werden. Wel blijven de bandoptredens voorbehouden aan wie zich hiervoor uitdrukkelijk opgeeft nadat hij een goed speelpeil heeft bereikt.

 

Terwijl in de Westhoek, aan de Vlaamse kust,  een vijftal Schotse doedelzakbands regelmatig optreden voor herdenkingen van de 1ste en de 2de Wereldoorlog is hiervoor in de rest van het land toch minder interesse. Veel openbare optredens betreffen het begeleiden van Highland Games en van plaatselijke optochten en feesten. Daarnaast worden de doedelzakbands ook dikwijls aangezocht om doedelzakspelers te leveren bij huwelijken, huwelijksverjaardagen, verjaardagen, pensioneringen en begrafenissen.

* naast de Great-Highland-bagpipe bestaat in Schotland ook nog de Lowland-bagpipe, de Small-pipe en de           Chamber-pipe, waarbij  de luchtzak hetzij gevuld wordt via een blaaspijp, hetzij via een blaasbalg die men             onder de rechterarm houdt.